Kansen pakken in de zorg

Eind jaren negentig studeerde Mieke Hoekstra af aan de HBO-V in Hengelo. Na diverse beleidsfuncties bij onder andere zorginstellingen, een zorgverzekeraar en gemeenten, startte Mieke haar eigen bedrijf waar ze haar creatieve kant ontdekte. Ze besloot dat het welletjes was met haar bedrijf en ging begin 2019 terug in loondienst bij een welzijnsorganisatie. Nadat deze tijdelijke baan vanwege bezuinigingen was geëindigd, was ze op zoek naar een andere baan. Maar met de komst van het coronavirus, stortte het aantal openstaande vacatures in elkaar. Ondanks dat werd Mieke snel ingezet op de verpleegafdelingen bij Revalidatie Friesland. En intussen is ze een BIG-registratie en een baan bij de GGD rijker. Ze maakte een ommezwaai en stapte van een beleidsfunctie naar handen aan het bed. Hoe heeft ze dat gedaan?

Nood hoog

Mieke had al snel in de gaten dat het coronavirus serieus genomen moest worden. Zo waren er signalen van oud-klasgenoten van de HBO-V, die ze eind vorig jaar nog tijdens een reünie had gesproken, die al snel te maken kregen met corona in hun dagelijkse zorgpraktijk. Maar ook de verhalen van haar schoonfamilie uit Brabant, middenin het gebied van de eerste uitbraak, maakte dat wel duidelijk. Ze merkte dat er meer menskracht nodig was. Ook in het noorden waar Mieke woont. Toen ze een oproep zag van het initiatief ‘Extra handen voor de zorg’ die op zoek waren naar oud-verpleegkundigen, bedacht ze zich geen moment en meldde zich aan. Mieke vertelt: “Zorginstellingen gingen zelf ook lijntjes voor meer personeel uitzetten en zelf was ik nog steeds op zoek naar een baan. Dingen gingen elkaar kruisen. Op dezelfde dag dat ik bij Revalidatie Friesland een gesprek had voor een functie, belde ook ZorgpleinNoord dat ze me konden plaatsen bij een zorgorganisatie die extra personeel had aangevraagd via ’Extra handen voor de zorg’.”

Dat verleer je niet

“Ik wilde Revalidatie Friesland een half jaar meehelpen. Ik ben als verzorgende ingezet want ik had geen Big-registratie meer. Bovendien was ik er ruim twintig jaar uit geweest. Als herintreder in de zorg was het best even spannend om na zoveel jaar andere dingen gedaan te hebben en beleidsmatig met zorg bezig te zijn geweest, weer terug te stappen in de dagelijkse zorgpraktijk. De basiszorg en het contact met patiënten had ik zo weer terug. Dat verleer je niet. Maar er waren natuurlijk wel veel dingen nieuw. Ik moest bijvoorbeeld leren rapporteren in een voor mij nieuw computersysteem, kreeg te maken met nieuwe ziektebeelden en inmiddels andere medicatienamen. Maar er waren ook dingen veel makkelijker geworden. Waar ik nog geleerd had met een stethoscoop de bloeddruk te meten en rectaal te temperaturen, ging dat nu allemaal met één druk op de knop.

We deden het samen

Het was een hectische tijd waarin veel dingen anders moesten worden georganiseerd en het bestaande team met veel nieuwe medewerkers te maken kreeg. Voor mij was het oren en ogen open en aanpakken, maar vooral ook blijven vragen. Ik voelde me welkom en kon altijd om hulp vragen. Heel belangrijk en waardevol, zeker voor herintreders! We werkten met een gemêleerde club, van net gediplomeerde verpleegkundigen tot zeer ervaren medewerkers. We deden het echt samen.” Om haar kennis weer bij te spijkeren maakte Mieke onder andere gebruik van leermiddelen die werden aangeboden via Revalidatie Friesland en de website van ‘Extra handen voor de zorg’. Daar is digitaal informatie over richtlijnen en procedures en er zijn een heleboel gratis modules voor verschillende ziektebeelden en typen zorgverlening beschikbaar. “Op die manier kon ik thuis op m’n laptop verder bijleren over de zorg die ik tijdens m’n werkdag verleende.”

Indrukwekkende tijd

“Het was onduidelijk wat er op ons af ging komen. In het revalidatiecentrum was in het begin één verpleegafdeling omgebouwd tot corona-afdeling. We hebben het geluk gehad dat hier geen patiënten met corona opgenomen zijn geweest. Maar het was duidelijk dat er ook zonder dat meer mensen nodig waren. Dat kwam onder andere doordat het zorgpersoneel veel meer handelingen moesten verrichten en we extra veiligheidsmaatregelen moesten nemen.” Mieke blikt terug: “De poliklinieken waren gesloten. Wel werd er doorgewerkt via beeldbelverbindingen. Revalidanten op de verpleegafdelingen mochten nog maar één bezoeker per dag ontvangen. Ook kregen we af en toe te maken met een revalidant met klachten, die dan in isolatie moest. Dat betekende voor de verpleging extra handelingen en veiligheidsmaatregelen, zoals werken in beschermende kleding.

Later kregen we een aantal ex-corona patiënten die vaak lang op de IC hadden gelegen en bij ons kwamen revalideren. Ik vond het heel indrukwekkend om te zien dat de patiënten, die ik op de afdeling had, van heel ver kwamen. Ze hadden totaal geen energie meer. Hun conditie moest vanuit bijna nul weer opgebouwd. Veel mensen hadden nog extra zuurstof of langdurig sondevoeding nodig. Daarnaast begon vaak dan het verwerkingsproces en het besef wat hen was overkomen. Revalidatie is een hele mooie tak van zorg. Hier kun je samen echt iets voor mensen betekenen en zie je ook voorbeelden waarin met gezamenlijke inspanning toegewerkt wordt naar een hoge mate van herstel of zelfredzaamheid. Later misten we ook medewerkers die zelf een coronatest moesten doen, ook dat gaf druk en extra regelwerk.”

Afstand houden

Mieke heeft zich verbaasd over verschil tussen de zorgwereld en daarbuiten. Ze vertelt: “Na mijn dienst ging ik bijvoorbeeld nog even boodschappen doen. Het viel me op dat sommige mensen geen afstand houden. Het is dus kennelijk zo dat als je niet met de voeten in de klei staat, je niet altijd ziet wat er daadwerkelijk aan de hand is. Ik heb dat moeten leren accepteren, maar vind dat wel lastig. Tijdens je werk ben je heel scherp op het toepassen van voorzorgsmaatregelen, maar in je vrije tijd ben je daarbij ook afhankelijk van anderen die de standaardmaatregelen ook moeten naleven om verdere besmetting van het virus te voorkomen.”

Kansen pakken

Eigenlijk heeft Mieke altijd meer in beleidsfuncties gezeten. Wel startte ze haar carrière in de zorg met een opleiding HBO-Verpleegkunde. Ze vertelt over het begin van haar loopbaan: “In de praktijk zag ik dat sommige dingen anders konden. Die zaten vaak in de randvoorwaarden. Toen ben ik verplegingswetenschappen gaan studeren in Maastricht en ben ik me verder gaan ontwikkelen in de beleidskant.“ Tijdens haar studie wilde ze wel de verbinding houden met de praktijk en ging ze tijdens vakanties en in het weekeinde de wijkverpleging in. Daar is ze nog steeds blij mee: “Juist die praktijkervaring is zo waardevol voor mij geweest. Je ziet zelf waar de verpleegkundige op de werkvloer tegenaan loopt. Daarnaast heeft ze vanaf die tijd vaak vrijwilligerswerk gedaan met een link naar zorg. Als je mijn CV ziet, dan zie je dat ik altijd kansen heb gepakt die voorbij kwamen. Zo ben ik ook als beleidsadviseur bij gemeenten in Brabant en Friesland terecht gekomen. En zo ben ik weer terug in de zorg. Echt met de voeten in de klei. Nu als coördinerend/triage verpleegkundige bij GGD Fryslân.”

Combinatiefunctie

Mieke werkt sinds 1 oktober bij de GGD en krijgt nu te maken met de tweede golf. Er was een vacature bij de GGD waar ze op solliciteerde. Maar ze vindt het gek om over golven te praten: “Voor ons in het noorden was het bij de komst van corona relatief rustig. Dat was anders dan bij mijn familie in zuiden. De onzekerheid wat je moest verwachten die was er zeker. Maar in het zuiden was men met andere dingen bezig dan bij ons.

Wat ik nu bij de GGD merk, is dat de besmettingen in het noorden nu ook flink toenemen. Er is en wordt enorm opgeschaald wat zich onder andere uit in de uitbreiding van het aantal teststraten en testlocaties. Wat veel mensen niet door hebben, is dat zoiets met veel logistieke processen gepaard gaat. De functie die ik nu heb is een combinatie van advies, triage, thuisbemonstering en ik ben coördinator van een teststraatlocatie. Het leuke is de combinatie van uitvoerende en coördinerende taken. We hebben steeds een compleet nieuw team, veel nieuwe medewerkers die moeten worden ingewerkt en de sfeer is heel goed. Er wordt hard gewerkt en ook hier doen we het samen!”

Kleine dingen maken het

Als Mieke vertelt over het werken in de zorg, dan is haar glimlach te zien: “Ik vind mijn werk zo mooi omdat je het doet met je hoofd hart en handen. Het is gewoon een gevoel. Je probeert aan te sluiten wat iemand nodig heeft. Het zit hem vaak in hele kleine dingen. Als je iemand ziet die niet vrolijk is, dan maak je een praatje en dan maak je het bespreekbaar. Als je ziet dat iemand wat onderuitgezakt in bed ligt, dan help je iemand weer lekker neer te leggen. In mijn nieuwe baan bij de GGD zijn de contacten met mensen veel korter. Maar ook hier kun je mensen geruststellen door goede uitleg te geven of hen even een tissue aan te reiken als er door het testen een traanreactie is ontstaan. Ik krijg er energie voor terug. Even helpen, advies geven, coördineren en afstemmen samen met het team bemonsteraars. Ook hier doen we het samen! Ik ben van het leven lang leren. Het gaat voor mij om het contact met mensen en wat je als verpleegkundige voor hen kan betekenen.”

Mogelijkheden in de zorg

Mieke hoopt op meer collega’s: “Ik krijg namelijk ook energie van collega’s die voor hetzelfde gaan als ik: samen werken voor goede zorg. Daarom hoop ik dat we zowel jongeren als mensen die ooit verzorgende of verpleegkundige zijn geweest, kunnen interesseren voor een baan in de zorg. Het imago van de zorg is niet altijd positief. Maar de zorg biedt meer mogelijkheden dan mensen denken. Ik zou hun willen zeggen: neem initiatief en ga kijken, voelen en ervaren wat de zorg kan bieden. Daar is ‘Extra handen voor de zorg’ ook goed voor. Zo bepaal je of je de stap kunt zetten. Maar dat betekent wel dat je proactief moet zijn en durven vragen. Niet bang moet zijn om iets nieuws op te pakken en meebewegen. Sommige dingen gaan anders, zeker in de spannende tijd waarin we nu zitten. Verplegen doe je met je hoofd, je hart en je handen en het is een ontzettend mooi vak.”